vrijdag 30 september 2011

In 't gelid.

In mijn tuin staat een knotwilgje. Eens opgekomen uit een zaadje dat was komen aanwaaien. Het stammetje is nu ongeveer polsdik. Op twee meter hoogte heb ik een paar jaar geleden de kop er af geknipt.
Elk jaar als de katjes zijn uitgebloeid gaan alle takken er af en loopt hij opnieuw weer uit. Lange takken staan er nu op, bijna twee meter lang. Op deze wilg zitten ieder jaar wel een aantal opvreters. Dit jaar had ik nog niets gemerkt van de kleine vreetmachientjes. Regelmatig kijk ik de bladeren na op vraatsporen. En vandaag, ja hoor ze zijn er weer. Al drie blaadjes hebben alleen nog wat nerven, de rest is opgegeten.
Dan is het niet moeilijk meer de daders te vinden. Op heterdaad betrapt!.Wat zijn dat voor diertjes? Wel het zijn de larven van de wilgenbladwesp. Het lijken net rupsjes, maar zijn het niet. Het aantal pootjes is anders.
Ze hebben veel buikpootjes, iets wat een vlinderrups niet heeft. Daarom worden ze ook wel bastaard rupsen genoemd. Het is altijd leuk om even tegen het takje te tikken. Allemaal steken ze dan het achterlijf in de lucht en verspreiden een vreemd luchtje. Ze doen dat om vogels af te schrikken. De boom heeft er geen hinder van er zit blad genoeg aan. Bovendien geniet ik van deze kleine schransbeestjes.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen