donderdag 17 november 2011

PEER OF ATISJOK


bloem in juli


Een jaar of drie geleden kocht ik een maaltje aardperen bij de groentenboer. Een mooie dikke knol heb ik geplant. Het eerste jaar groeide daar een stengel uit van meer dan twee meter hoog. Het jaar daarop een stuk of vijf. Dit jaar veel meer en veel te hoog. Een enkeling bleef rechtop staan, een aantal echter gingen na een winderige dag naar alle kanten hangen. Een slordig gezicht, dus een stok er bij en ze aangebonden. In juli stonden er een paar in bloei. De aardpeer ( Helianthus tuberosus ) is een regelrecht familielid van onze zonnebloem ( Helianthus annuus ), zoals aan de geslachtsnaam te zien is. De aardpeer is een vaste plant dit in tegenstelling tot de zonnebloem die eenjarig is. Van de een zijn de knollen eetbaar van de ander de zaden. De aardpeer komt oorspronkelijk uit Noord-Amerika en Canada. In de zeventiende eeuw kwam hij via Frankrijk naar Europa. Daar noemde men hem Topinambour en in Engeland kreeg hij de naam Jerusalem artichoc. Voor de komst van de aardappel was het een belangrijk knolgewas in de keuken. Na een tijd uit de gunst geweest te zijn is hij nu bezig met een come-back. Er zijn al restaurants die hem op de kaart hebben staan. Het is een erg voedzaam gewas en heeft een gunstige werking op de darmen. Hij smaakt wat zoetig, waar je van moet houden. Door de inuline die hij bevat werkt hij goed bij mensen die last hebben van diabetes. Het voert te ver hier een aantal recepten te noemen, maar op internet staan er vele. Nu, na de nachtvorst, is de plant afgestorven en kan er geoogst worden. Ik heb er eerst maar een knol uitgehaald om te zien of ze goed gegroeid zijn. Dat is inderdaad het geval. De rest laat ik nog even zitten, ze zijn volkomen winterhard, tot er meerdere eters zich aandienen. Dan zal ik er iets smakelijks van kokkerellen. Terwijl ik de knol op het aanrecht leg beweegt er iets wat ik nog niet had gezien. Dichterbij zie ik achter een schubje een spierwit bladluisje tevoorschijn komen. Dit witte beestje had onder de grond lekker aan mijn aardpeer zitten zuigen. Dit is dus een ondergrondse aardpeerluis of zoiets. Inderdaad zijn er een aantal soorten bladluizen die aan ondergrondse plantendelen zuigen. Moeilijk te bestrijden met brandnetelgier of een sopje met spiritus lijkt mij. Dus laat ik ze hun gang maar gaan daar ondergronds en veeg ze er na het rooien wel af.

mooie verse knol

het witte luisje


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen