donderdag 10 november 2011

VAN ONDEREN

Het is weer zover. In mijn agenda staat genoteerd dat mijn kiezen en tanden een schoonmaakbeurt moeten hebben. Daar lig ik dus, languit bij mijn gebidsreiniger. Ik vind die stoelen ondingen, ze liggen allerberoerdst.
Hard en ongemakkelijk. Wanneer bedenkt iemand eens een stoel met een lekker zacht foam kussen? Het is een aardige dame die mijn kauworganen onder handen neemt. Pijn doet het haast niet, ondanks het gebruik van haken en schuurapparaten. Alles is weer schoon en ik mag weer naar huis. Buiten voor het pand is een gazon met een aantal kastanjebomen. In de zeventiger jaren was daar een plein met gewassen grindtegels, kastanjebomen in kleine plantvakjes en een zandbak. De buurt was nog jong. Een supermarktje en een fietsenwinkel waren er ook. Vijftien jaar later waren de kinderen groot, supermarktje op de fles en de fietsenwinkel verhuisd. Tijd om de tegels op te ruimen en de bomen meer levenskans te bieden. De bomen staan er nog steeds. Enkelen hebben zich goed hersteld en zijn flink gegroeid. Niet allemaal echter. Vlak voor me staat er eentje die het niet goed doet. Er zitten slechte plekken op zijn stam, beschadigd door waarschijnlijk een vrachtwagen of een bouwkraan. Die waren nodig geweest om het pand aan te passen tot praktijkruimte voor tanden- en kiezenverzorgers en dokters. Ik kijk de boom zo eens aan en zie iets bijzonders. Aan een kant zit een rijtje zwammen de hoeden dakpansgewijs over elkaar. Het water loopt mij in de mond! Het zijn Oesterzwammen ( Pleurotus ostreatus ). Het is een paddenstoel die graag groeit op zachte houtsoorten. Je komt ze tegen op lijsterbes, populier en kastanje dus. Het is een soort die je juist in de winter tegen komt. Een smakelijke zwam en geen wonder dat hij tegenwoordig in grote antallen wordt gekweekt en te koop is. Maar zo'n lekker hapje, zomaar voor je neus, dat kun je natuurlijk niet  laten zitten. Twee handen vol neem ik mee naar huis en eet ze smakelijk op.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen